De nieuwe personenvennootschap


Naar Nederlands recht worden drie soorten personenvennootschappen, onderscheiden, namelijk:

  1. Maatschap
  2. Vennootschap onder firma (v.o.f.)
  3. Commanditaire vennootschap (c.v.)
Wil sprake zijn van één van de bovenstaande vennootschappen dan dient sprake te zijn van:
  1. Een overeenkomst
  2. Samenwerking
  3. Iets in gemeenschap brengen. De inbreng kan bestaan uit geld, goederen of arbeid
  4. Oogmerk het daaruit ontstane voordeel met elkaar te delen

Maatschap

De maatschap is een samenwerkingsvorm tussen twee of meer personen die met dat wat zij inbrengen een bepaald doel nastreven. De inbreng van de zogenaamde ‘maten’ kan bestaan uit geld, goederen of arbeid.

De maatschapsvorm wordt voornamelijk gebruikt door de vrije beroepsbeoefenaren. Zo is veelvuldig sprake van een maatschap van artsen, accountants of advocaten. Ook in de agrarische sector wordt veelvuldig gebruik gemaakt van de maatschap als organisatievorm.

De maatschap kan worden onderverdeeld in een openbare maatschap en een stille maatschap: Een openbare maatschap is openbaar wanneer zij naar buiten optreedt onder gemeenschappelijke naam. Bij een stille maatschap blijft het bestaan van de maatschap voor de buitenwereld verborgen.

Vennootschap onder firma (v.o.f.)

De v.o.f. is een openbare maatschap welke een bedrijf uitoefent. Het vennootschapsvermogen bestaat bij de oprichting van de v.o.f. uit hetgeen door de oprichters is ingebracht. De inbreng kan bestaan uit arbeid, geld en/of goederen.

Bij de v.o.f. wordt onderscheid gemaakt tussen het vennootschapsvermogen en de privé-vermogens van de firmanten. In beginsel kunnen privé-schuldeisers van de firmanten zich niet verhalen op het vennootschapsvermogen. Dit afgescheiden vermogen is primair bedoeld voor de zakelijke schuldeisers.

Fiscaal gezien heeft ieder van de vennoten zijn eigen persoonlijke onderneming, te weten zijn in de vennootschapsakte vastgelegde firma-aandeel. Verder is elk der vennoten naar buiten toe voor alle verbintenissen van de v.o.f. hoofdelijk aansprakelijk.

Commanditaire Vennootschap (c.v.)

De commanditaire vennootschap is een speciaal type v.o.f. Het belangrijkste verschil met de v.o.f. is dat bij de c.v. twee soorten vennoten worden onderscheiden. Dit zijn de beherende vennoten en de commanditaire vennoten. De beherende vennoot van de c.v. is, evenals de vennoot van de v.o.f., persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor vennootschapsschulden. Dit geldt niet voor de commanditaire vennoot, ook wel de stille vennoot genoemd.

Een commanditaire vennoot brengt namelijk alleen kapitaal in en is niet verder voor de schulden van de vennootschap aansprakelijk dan tot het bedrag dat hij heeft ingebracht. Van belang is hierbij dat de commanditaire vennoot zich naar buiten toe niet gedraagt als een beherende vennoot. Hiervan is sprake wanneer de commanditaire vennoot beheersdaden of beschikkingsdaden verricht. Dit heeft als gevolg dat de commanditaire vennoot persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk wordt voor de vennootschapsschulden.

Een andere voorwaarde is dat de eigen naam van de commanditaire vennoot niet in de naam van de vennootschap voorkomt. Hierdoor zou immers de schijn worden gewekt dat de commanditaire vennoot een beherend vennoot is.

Vennootschaps- of maatschapcontract

Voor de oprichting van een maatschap, v.o.f. of een c.v. is geen notariële akte van oprichting vereist. Het is echter raadzaam om een vennootschaps- of maatschapcontract op te stellen waarin de afspraken tussen de vennoten schriftelijk worden vastgelegd.

Hierin kan onder andere het volgende worden geregeld:

  1. Duur van het maatschapcontract
  2. Doel van de maatschap
  3. Wijze van besluitvorming
  4. Vastlegging van de afspraken over de inbreng
  5. Verdeling van taken en bevoegdheden
  6. Financiële verantwoording
  7. Verdeling van de winst en delging van verliezen
  8. Toe- en uittreding van compagnons
  9. Opnemen van vermogensbedingen
  10. Opnemen van non-concurrentiebedingen
  11. Voorzieningen voor ziekte en arbeidsongeschiktheid van vennoten